Wanneer zijn verbodsborden verplicht?
Verbodsborden zijn verplicht zodra een risico niet volledig kan worden weggenomen met technische maatregelen (zoals afscherming) of organisatorische afspraken (zoals procedures). In dat geval is duidelijke veiligheidssignalering nodig om gevaarlijk of ongewenst gedrag te voorkomen.
In Europa is dit uitgangspunt vastgelegd in de Europese Richtlijn 92/58/EEG . Deze richtlijn verplicht werkgevers en gebouwbeheerders om veiligheids- en gezondheidssignalering toe te passen wanneer dat nodig is voor de veiligheid op het werk. Lidstaten hebben deze regels vertaald naar nationale wetgeving.
Concreet betekent dit dat een verbodsbord verplicht is wanneer:
- een handeling gevaar kan opleveren (bijvoorbeeld roken, open vuur of onbevoegde toegang);
- het risico niet op een andere manier voldoende kan worden beperkt;
- duidelijke, visuele instructie nodig is om regels af te dwingen;
- meerdere personen, bezoekers of tijdelijke gebruikers aanwezig zijn.
In Nederland is dit uitgewerkt in de Arbowetgeving en het Arbeidsomstandighedenbesluit. In België, Duitsland en Frankrijk geldt een vergelijkbaar principe via nationale implementaties van dezelfde Europese richtlijn. De kern blijft overal gelijk: waar een risico blijft bestaan, moet dat risico zichtbaar worden verboden.
Voor de vormgeving en herkenbaarheid wordt meestal aangesloten bij ISO 7010 . Deze norm zorgt voor vaste symbolen en kleuren, zodat verbodsborden zonder tekst begrijpelijk zijn voor iedereen, ongeacht taal of land.