Wanneer kies je voor fotoluminescerende brandpictogrammen?
Fotoluminescerende brandpictogrammen helpen je om blusmiddelen en brandmeldpunten snel te vinden als het zicht slechter wordt. Denk aan rook, schemer, een donkere gang of stroomuitval. Het materiaal laadt op door (dag)licht of kunstlicht en geeft daarna zelf licht af.
Wanneer levert fotoluminescerend de meeste winst?
- Bij risico op lichtuitval – zodat brandblussers, brandslanghaspels en handbrandmelders toch herkenbaar blijven.
- In routes met minder zicht – lange gangen, trappenhuizen, magazijnen, parkeerruimtes en ruimtes met weinig daglicht.
- Waar objecten het zicht blokkeren – een blusser achter een deur, in een kast of achter een stelling. Een pictogram dat hoger hangt valt sneller op.
- In omgevingen waar veel verschillende mensen komen – bezoekers, leveranciers of nieuw personeel herkennen symbolen sneller dan tekst.
Hoe werkt het in het kort?
De toplaag bevat lichtgevende pigmenten. Die nemen licht op en geven dit later weer af. Je hebt dus geen kabels, batterijen of voeding nodig. Belangrijk: zorg voor voldoende “opladen” door omgevingslicht op de plek waar je het pictogram ophangt.
Past dit bij ISO 7010 brandpictogrammen?
Ja. Veel fotoluminescerende brandpictogrammen gebruiken dezelfde herkenbare symbolen als ISO 7010. Dat maakt de boodschap duidelijk en internationaal herkenbaar, ook als je later opschaalt naar andere landen.
Handig om te weten voor Duitsland en Frankrijk
De exacte eisen verschillen per land en toepassing. In Duitsland zie je in de praktijk vaker specifieke verwijzingen naar “lang nalichtend” en kwaliteitsklassen (zoals klasse C volgens DIN 67510-1) bij situaties zonder veiligheidsverlichting. In Frankrijk ligt de nadruk op veiligheidssignalering volgens de (Europese) lijn en ISO 7010.
Tip: Twijfel je tussen sticker of bord? Kies een bord als je een vaste, nette oplossing wilt en een sticker als je direct op een glad oppervlak markeert. In de subcategorieën werken we dit verder uit.